Zondag 1 augustus, Powell River naar Telegraph Cove
We zijn al weer vroeg op de veerboot, verloopt allemaal soepel en eenmaal aan land bij Vancouver Island begint de lange tocht naar het Noorden. In het Noorden is de grootste kans om Orka’s te spotten vandaar dat we er 250 km extra aan wijden. De weg erheen is vrij saai, veel bomenkap, keurige wegen, geen beestjes en mooi weer. Telegraph Cove wordt in de winter door 4 mensen bewoond, en in de zomer vertrekken er per dag 6 bootjes met toeristen. Het is een schattig dorpje, houten huizen die in een baai op palen staan en middels een steiger met elkaar zijn verbonden. We kunnen niet meer met de boot mee en boeken voor de volgende ochtend.
De camper is inmiddels vertrouwd, achteruit rijden gaat steeds beter onder deskundige leiding van Petra, Ymke of Jens. Petra heeft inmiddels een heel arsenaal aan seinen en gebaren en rent niet meer van linker- naar rechterspiegel. Ze staat tegenwoordig zelfs altijd in de spiegel, Ymke bukt en maakt stopgebaren en Jens roept de hele tijd dat het goed gaat en sluit snel alle elektra aan als die we die hebben op een camping. “s Avonds bellen we met laptop naar Nederland want Telegraph Cove heeft sinds 2009 draadloos internet!
Maandag 2 augustus, Telegraph Cove naar Strathcona Park
De boot vertrekt om 9 uur en ineens zijn er 2 bussen met Nederlanders, Belgen en Duitsers gedropt in het kleine Telegraph Cove. Alles wordt in het Duits ubersetzt, hetgeen vooral Jens kan waarderen, als hij het niet helemaal in het Engels begrijpt dan pikt hij het alsnog in het Duits. De groepen zijn allemaal babyboomers die voornamelijk de reis in de lounge van de boot zullen doormaken. Dat is goed nieuws want zo hebben wij de ruimte.
Binnen een uur hebben we zeeleeuwen, zeehonden, bold eagles, dolfijnen gezien maar nog geen orka’s. En dan komt het signaal van de schipper, de andere boot heeft een groep “vissende” orka’s in het vizier. En dan is het echt fascinerend om te zien. We blijven op ongeveer 100 meter afstand van de orka’s en krijgen ondertussen uitleg aan boord over welke familie van orka’s we hier aan het werk zien. We dobberen ruim anderhalf uur in de nabijheid van de beesten, zien de jonge orka’s, de mannen met de enorme vinnen en in dit geval hebben we te maken met de zalmetende orka. De beesten komen dichterbij als de motor uitgaat en op een gegeven moment is er een paar orka’s aan de voorkant van de boot en ik ben achter met Ymke. We staan er met z’n 2-en en dan duiken er in eens 2 jonge orka’s op vlak achter de boot, niet op de foto maar wel voor altijd op de eigen harde schijf. Er komt ook nog een bultrug walvis langs en dat is het toetje voor vandaag!
Terug aan wal eten we een boterham en rijden naar het midden van Vancouver Island, Strathcona park. We hadden in het noorden mistig en koud weer maar hier is het meteen weer prachtig, we verblijven op een national park camping bij een groot meer, wandelen en vallen vroeg in slaap.
Dinsdag 3 augustus, Strathcona Park naar Port Alberni
We staan laat op, gaan naar het strandje, lummelen, lezen een boekje en de kinderen spelen met hun eigengemaakte Beertje en Nala voertuigen. Om een uur of 2 vinden we het genoeg en stappen in de camper op weg naar onze volgende tussen bestemming Port Alberni. De weg erheen is saai, we tanken bij een vaag tankstation en als ik heb betaald zie ik dat de man achter de balie zijn computer scherm open klikt en rustig verder gaat met porno kijken… Tja, het zijn natuurlijk wel lange dagen op zo’n klein tankstation.
Onderweg naar Port Alberni maken we een stop bij Cathedrale Cove een plek met bomen van meer dan 800 jaar oud. Gewoon op een kleine parkeerplek langs de doorgaande weg, enorme bomen en een bijna Eftelingachtig bos. Rond de klok van 7 uur komen we aan in Port Alberni waar het nog niet eenvoudig is om een RV camping te vinden, we hebben een nachtje elektra en water nodig om ons te kunnen voorbereiden op de 2 nachten in Tofino. Uiteindelijk staan we nu in de achtertuin van een Japans restaurant, met camping dus, waar we heerlijk en voor weinig geld vegetarische en “echte” sushi eten.
Woensdag 4 augustus, Port Alberni naar Ucluelet
We zijn vrij vlot in het Pacific Rim National park en ook vrij snel in Tofino, een erg goede plek voor Whale wacthing, surfing en kayakken. Maar geen goede plek voor een RV zoals wij die rijden. Er zijn 3 campings, allemaal heel vol op een plekje na….. Dat is een uitermate beroerde plek die we ook nog verplicht voor 2 nachten moeten nemen. We willen het doen maar als Petra bij de balie staat en ik nog even het toilet wil bezoeken, neem ik een snelle sprint. De toiletten zijn erg goor, ben echt wel iets gewend, bovendien stoorde ik iemand tijdens zijn grote beurt omdat de boel niet op slot kon, dat gaan we dus niet doen.
We bellen met Ucluelet, een plaatsje aan de andere kant van het park en minder een “hotspot”. We worden heel vriendelijk te woord gestaan en boeken er ook meteen een hele dag combinatie van kayaking en whale watching, kosten ons wel een rib uit het lijf maar hopelijk hebben we dan ook wat.
De rest van de dag zijn we in Tofino, beetje toerist shoppen, maken een wandeling langs Long Beach, een strand a la Wijk aan Zee maar dan met rainforest op de achtergrond en bezaaid met allemaal drijfhout bomen. Erg mooi, we zoeken schelpen, krabben en kijken naar de golven die eigenlijk erg hoog hadden moeten zijn. Daarna maken we nog een kleine wandeling op South Beach en gaan naar de camping. We hebben een mooie plek en zijn heel blij dat we niet op de andere camping zijn gaan staan. “s Avonds speel ik een potje voetbal met Jens en dan vroeg naar bed omdat we de volgende dag gaan kayakken.
Donderdag 5 augustus, Ucluelet
We zijn om half negen bij “sir de Vries”, ook daar weer Nederlandse roots. We worden in onze pakjes gehesen en blijken met z’n 4-en een privé gids en boot te hebben. Er is in de ochtend al een groep van 10 vertrokken en we hebben dus mazzel. Onze kapitein is een ex-visser die al snel contact heeft met de whale watchers en voor ons een grote grijze walvis tevoorschijn tovert. Blijft toch erg leuk om te zien en als na een half uur de walvis ook zijn staart heeft laten zien gaan we echt op weg naar de Broken Islands om daar te gaan kayakken.
We worden om half 12 afgezeten om 5 uur weer opgepikt. Jen is onze vrouwelijke gids en vertelt honderduit over zeesterren, we pakken ze vast en zien ze lopen, zeehonden die naast ons opduiken, vogels die er vandaag bijna niet zijn, krabben die over de grond lopen en over de natives die vroeger in de dit gebied hebben gewoond. En dat allemaal in een omgeving die heel mooi, wel mistig en vooral doodstil is. In de middag eten we een broodje op het strand, plassen om het hoekje en gaan verder, de zee is doodstil en we peddelen alles bij elkaar zo’n 15 kilometer. Op het strand zien we nog wolvensporen, die zijn heel schuw en verzamelt Ymke een hele berg schelpen. Om een uur of zes zijn we weer terug in het dorp.
Jens bakt vanavond pannenkoeken, we hebben inmiddels uit voorzorg de brandmelder uit de camper verwijderd en nemen een lekkere warme douche. We hebben nog geen idee wat we morgen gaan doen, nog een tourtje wordt wel erg kostbaar en lekker zonnebaden is er aan deze kust niet bij. Vooralsnog gaan we nu lekker slapen.
Vrijdag 7 augustus, Ucluelet naar Nanaimo
’s Nachts is er om 4 uur wat gedoe op de camping; “bear, bear “ hoor ik en vervolgens wat geluiden alsof je de kat van de buren weg jaagt, maar helaas pikdonder en ik zie helemaal niks. We rijden de camping af met mist en nemen een paar lifters mee, een stel uit Frankrijk die door Canada en Mexico reizen. We maken een stop bij Coombs, lopen geiten op het grasdak te grazen, een toeristische topper….. Dan leveren we onze lifters af bij een ferry en bezoeken we ook nog een opvangcentrum voor gewonde dieren. Niet erg spectaculair, zelfs de zwarte beer heeft het veel te warm. Het weer is namelijk weer prachtig en op ons gemak bekijken we een paar zandsculpturen. Best mooi en je mag als publiek ook nog meedoen aan de verkiezing van de mooiste bouwsels.
We belanden op een camping in Nanaimo, heel luxe, groot en doen ons laatste was, spelen luchthockey op een enorme tafel en zien dat het morgen gaat regenen….. Het plan was om nog een dagje op het strand te gaan liggen.
Zaterdag 8 augustus, Nanaimo naar Squamish via Whistler
De volgende dag regent het inderdaad en we pakken een vroege boot richting het vaste land. We besluiten om naar Whistler te gaan, een deel van de Winterspelen vonden daar plaats. Het is mistig en het Olympisch dorp ligt er treurig bij, we bekijken de springschansen, het langlaufstadion en bij het biathlon stadion krijgen we uitgebreid uitleg van een bi-atleet, hele aardige jongen die uitleg over de techniek en alles wat er bij komt kijken. Jens mag ook nog schieten en raakt 2 van de 5 schoten. Zo werd het toch nog leuk.
In Whistler zelf is een groot mountainbike festival bezig en het weer nog steeds niet goed. We nemen desalniettemin het “vierkant” van skiliften. Het is steenkoud boven, 2100 meter, 3 graden en erg vochtig. Vooral Petra zit vastgevroren aan het stoeltje. Een warme chocomel maakt veel goed en dan pakken we de peak-2-peak gondel. Echt verbluffend, een 4,2 km overspanning tussen 2 toppen, gebouwd op 2 palen, je bungelt een paar honderd meter boven de grond en boven een dal. In onze gondel is ook nog een glazen plaat in de bodem gemonteerd waardoor je echt een idee krijgt van hoe diep het is. In het dal terug gaan we nog even winkelen en besluiten om nog een klein stukje terug te rijden richting Vancouver. We slapen in Squamish op een keurige maar saaie camping en eten lekker bij een BBQ tentje op de kleine camping.
Zondag 9 augustus, Squamish naar Vancouver
Het weer is beter maar bij Vancouver aangekomen begint het weer te regenen. De Canadezen zijn blij, de zomer was erg droog en het gevaar voor bosbrand staat op alle borden als “extreem” er mag ook nergens meer een kampvuurtje worden aangestoken en dat is voor de Canadezen een groot verlies.
In Vancouver gaan we naar het aquarium waar ze Beluga’s hebben, witte walvissen en heel veel dolfijnen en andere beestjes. We kijken naar een show en vermaken ons prima. Er stond een enorme rij toen we aankwamen en het bleek dat je via internet kon bestellen en dan voor mocht, terwijl we in de rij stonden, hebben we kaartjes besteld op de Blackberry via internet en zo ruim een kleine drie kwartier aan wachten bespaard. Leven kan soms zo leuk zijn.
Het aquarium ligt op Stanley Park een soort oer Amsterdams bos, we lopen er een rondje, bekijken de haven, de totempalen en gaan verder naar de Suspension bridge. Daar aangekomen blijkt de toegangsprijs enorm hoog en omdat ik niet zeker weet of ik over een hangbrug van 70 meter ga lopen die boven een afgrond van 100 meter hangt, draaien we om en gaan naar onze oerlelijke camping.
Naast ons staat een heel grappig Engels echtpaar aan wie we onze laatste spullen geven en onze jaarkaart voor de natuurparken verkopen, tja die Hollanders zijn toch echte handelslui. De kinderen liggen in het zwembad terwijl wij de camper opruimen, er wordt veel weggegooid, de auto’s voor Nala en beertje, de zwemband wordt doorgegeven en het tafelkleed belandt in goede handen bij onze Engelse buren. Morgen de camper inleveren en dan nog 1,5 dag shoppen in Vancouver. De ruim 4 weken zijn eigenlijk toch weer omgevlogen….
Zondag, 1 augustus 2010
Canada deel 2
Donderdag 22 juli, Atabasca gletsjer naar Jasper
Weer niet door onze beer uit de slaap gehaald terwijl de kleine camping zich daartoe prima leende. We gaan op ons gemak op weg naar Jasper, het weer is niet geweldig, beetje mistig, soms wat regen en we besluiten om niet meer een wandeling te maken op de gletsjer.
De weg naar Jasper is prachtig, de ene na de andere ansichtkaart schiet aan je voorbij maar wel met een chronisch gebrek aan de beloofde berggeiten en beren. Volgens de borden moet je er erg opletten maar wij zien niks en volgens ons balen ze net als wij een beetje van het weer.
De camping in Jasper is net zo groot als het dorp zelf en we besluiten om een tochtje in een raft te maken op de rivier. Het blijkt een privé trip, met z’n 4-en in een grote raft de rivier af, de eerste rapids voor Jens en Ymke en de gids doet het hartstikke leuk. Ze vindt het zelfs “awesome” en dat lijkt me wat overdreven voor een tripje dat je drie keer per dag doet….. Maar het is hartstikke leuk en we hebben voor veel geld een usb-stick met foto’s als bewijs er op.
Na de trip terug naar de camping waar een Amerikaan met Friese moeder op onze plek is gaan staan.. We ruilen van plek en maken plannen voor de dag van morgen.
Vrijdag 23 juli, Jasper
De afgelopen 8 dagen was er niet eenmaal een wasmachine op de camping. En in het dorp vinden we een prachtige wasserette, met koffiebar, douchegelegenheid en WIFI. Kortom, helemaal aangepast op de behoefte van een kampeerder die 7 dagen onderweg is in de Rocky Mountains. We daten de weblog up, plaatsen foto’s en kunnen met de resterende tijd ook nog Skypen met het thuisfront.
De middag brengen we door met een tocht naar Lake Maligne, een must-do, volgens alle gidsen. Valt een beetje tegen en een uurtje 2 kano’s huren kosten 45 euro…. Doen we dan maar even niet en prompt lopen we tegen 2 grote herten aan (Elks), heel leuk en erg relaxed ten opzichte van de Nederlandse kijkers. Op de terugweg maken we geen haast, eten langs de rivier, de kinderen voeren de eekhoorntjes weer en aan het eind spotten we heel kort een zwarte beer, nog meer herten en als klap op de vuurpijl een echte coyote. Net een hond maar dan wel eentje die niet te vertrouwen is. De kinderen vallen doodmoe in slaap. Morgen wordt het mooi weer…..
Zaterdag 24 juli, Jasper naar Mount Robson
De ochtend blijkt niet zo mooi als voorspeld en we besluiten om naar de hot springs in Miette te gaan, een rit van 70 kilometer waarvan de laatste 20 de berg op. Onderweg zien we werkelijk prachtige elken met enorme geweien.
De hot springs zijn heerlijk, er is ook een koud bad bij van 12 en 20 graden en de warme baden liggen rond de 40 graden. Goed voor de bloedsomloop en een ware test voor het hart. We doorstaan het allemaal prima. Voor de deur staan berggeiten die we eigenlijk schapen moeten noemen, maar ze lijken wel heel erg op berggeiten???
Inmiddels is het bloedheet geworden, strak blauw en echt bloedheet, het is ook nooit goed. We doen nog wat boodschappen in Jasper, rijden op ons gemak het Japser National Park uit en gaan naar Mount Robson. In de tussentijd verschuiven we weer een tijdzone en lopen inmiddels 9 uur achter op Nederland. Mount Robson is 3950 meter hoog, ligt er prachtig bij en we kunnen hem zien liggen vanaf onze plek op de natuurcamping. Morgen gaan we weer verder, voor het eerst sinds 9 dagen weer een camping met elektra, zal ons een klap geven.
Zondag 25 juli, Mount Robson naar Clearwater
We rijden vroeg weg en de top van Mount Robson ligt nog in een kleine wolk maar het is weer prachtig weer. De weg is lang en recht en de camper doet zijn best om niet te veel te hobbelen. We hebben een hele leuke tussenstop bij Blue River, dit was een Nederlandse tip. In the middle of nowhere ligt op een rivier een heel leuk bedrijf met mooie aluminium bootjes die je gegarandeerd beren beloven. Tsja, dat soort teksten is wel aan mij cynische Nederlander besteed. Maar, ik doe er al snel het zwijgen toe, we zitten nog niet in de boot of de eerste zwarte beer wordt gespot. Vervolgens nog een beer die achter een kleine beer aan rent en hem vervolgens de boom in jaagt. Echt op 10 meter te volgen vanaf het bootje. En als klap op de vuurpijl draaien we ons om en zien dan een beer van de ene kant van het meer naar de andere kant zwemmen. Dit was echt heel leuk.
De rest van de dag liggen we in een “campingzwembadje (citaat van Jens)” en lezen we een boekje. De camping is niet geweldig maar het zwembad maakt alles goed. “s Avonds eten we heerlijk aan de rand van het Dutch Lake, eveneens een Geheimtip van een Nederlander.
Maandag 26 juli, Clearwater (Wells Gray park)
We gaan vandaag het Wells Gray park, op de wandel naar weer een meer en een “awesome” waterval. We wandelen er op los, inmiddels een berenbel op de rugzak gemonteerd, en na een stief uurtje komen we bij een waterval die nauwelijks is te zien. Het is wel duidelijk dat we langs een enorme afgrond zijn gewandeld en dat de waterval buiten ons zicht enorm naar beneden stort. We lopen terug en kijken vanaf een andere plek naar de waterval…. En dan zien we een waterval van 141 meter naar beneden vallen en wij stonden daarvoor op dat puntje boven de waterval. Voor mij was het goed dat we de waterval in deze volgorde hadden bekeken anders had ik de wandeling niet meer gemaakt. We gaan terug naar de camping, luieren bij het zwembad en lezen verder in onze boeken. Ymke is inmiddels door haar boeken heen en leest nu onze boeken. Inmiddels was er een boek zo aangrijpend dat ze die avond niet in haar eigen bed wil slapen. Tja, we hadden al bijna 15 kilo aan boeken mee, de volgende keer toch maar een e-reader.
Dinsdag 27 juli, Clearwater naar Peachland
Vandaag wordt een echte reisdag, we moeten 300 kilometer rijden en inmiddels weten we al dat we dan 60 liter benzine nodig hebben, gelukkig gaan er 180 liters in de tank. We rijden vlot door, doen onze inkopen in een zeer riante supermarkt in Kamloops, vandaag gelezen dat daar nu enorme bosbranden zijn, en tanken de camper weer vol. Alles gaat heel vlot en dat zijn de momenten waarop je altijd voorzichtig moet worden. We willen naar Fintry en inderdaad de camping is helemaal vol, we kunnen op de overload staan en dan morgen vechten om een plekje.
We besluiten om een kijkje te nemen bij the beautiful natural Sandy beaches en krijgen dan toch spontaan de slappe lach als verwende Nederlanders. We duiken in het meer en na een uurtje kijk ik Petra aan en vraag waarom we hier in vredesnaam nog een dag zouden doorbrengen??? Geen mooie plek, lullig strandje en een kleine waterval die we wel kunnen overslaan. We stappen dus op en rijden door naar Kelowna. Alle campings zitten stampvol en dit dreigt zo’n dag met een gaatje te worden en vraag je jezelf af waarom je niet gewoon campings vooruit reserveert….
Maar alles komt goed in Peachland, de camping is officieel vol, maar we mogen met de camper op een tentplek staan en de volgende dag krijgen we een plek aan de beachfront, die was namelijk net geannuleerd. En zo wordt niet reserveren toch weer beloond. Als klap op de vuurpijl bakt Petra pannenkoeken.
Woensdag 28 juli, Peachland
Het is nog steeds heel mooi weer en we genieten de hele dag van het meer. Het water is schoon, 24 graden en het strandje superklein maar een lekkere plek om een beetje te relaxen. We doen de hele dag niks, de kinderen bouwen een bootje voor Nala en die wordt aan het eind van de dag succesvol getest, we surfen op internet en verbranden voor het eerst ook een beetje op rug en buik.
Aan het eind van de dag zwemt er ook nog een bever langs, mooi die kan ook weer worden aangevinkt op het lijstje, nog een grizzly, walvissen en orca’s te gaan.
In de avond barst er een stevig onweer los, wel goed voor de bosbranden want het is hier echt kurkdroog en die Canadezen zijn net als Australiërs en Zuid-Afrikanen helemaal gek van fikkie stoken, overal kun je firewood kopen en elke plek op de camping heeft zijn firepit. Het is wel geinig maar soms staat echt de hele camping blauw, rare jongens die Canadezen. Morgen richting Vancouver!
Donderdag 29 juli, Peachland naar Hope
We verlaten ons kleine strandje om vandaag meer dan 300 km af te leggen. Eerste stop is echter bij een Canadian Tire, wat een heerlijke winkel, gereedschap, kampeerspullen, tuinspullen, en nog veel meer, we kopen luchtbedjes, citronella kaarsen en poepoplosser voor het campertoilet.
Inmiddels zitten we heel dicht bij de USA border, de omgeving wordt ook erg droog en begint al op woestijn te lijken. We kopen onderweg bij Van Kalkeren fruit, Nederlandse man getrouwd met een Hongaarse, Duitse vrouw achter de balie en in de keuken een Thaise vrouw, kortom redelijk mondiaal gezelschap.
We maken een stop van een uur in Osoyooh, bezoeken een ratelslang show maar het stelt allemaal niet zo veel voor. Wel weer veel geleerd over de ratelslang, niet elke beet is giftig en je hebt in ieder geval 6 uur de tijd om een ziekenhuis te bereiken. Vervolgens weer vol gas verder, we gaan weer omhoog en rijden via een prachtige weg naar Vancouver. We maken een korte stop bij een bevervijver maar Ed en Willem zijn niet thuis en het blijft voorlopig dus bij de ene bever. Uiteindelijk vinden we een camping in Hope, met een klein zwembad en iedereen weer happy. We zwemmen nog anderhalf uur en als de kinderen in bed liggen komen we er achter dat we morgen de ferry naar de sunshine coast niet meer kunnen reserveren. De website is niet helemaal duidelijk en we besluiten om vroeg te gaan slapen zodat we morgen in ieder geval op tijd weg kunnen en dan maar hopen een boot te kunnen pakken.
Vrijdag 30 juli, Hope naar Powell River
Om half zes gaat de wekker en een half uur later liggen er twee suffende kinderen op de achterbank en rijden we vol gas naar Horseshoe bay voor de boot naar de sunshine coast. Na een stevige rit zijn we om kwart voor 8 in Vancouver en daar blijkt dat niet alle plaatsen gereserveerd kunnen worden. Gelukkig geldt hier ook nog het principe van First come, First served. We wachten een tijdje in de rij, drinken een kopje koffie en maken een praatje met een Nederlander die in 1951 als een uit een gezin van 8 hiernaartoe is gekomen. Mooie verhalen en spreekt nog goed Nederlands.
De boottocht zelf waait het vooral hard, duurt niet lang en snel staan we aan land bij Gibson, erg druk en vol, dat zijn we niet meer gewend, we rijden door en hebben nog geen idee wat onze eindbestemming gaat worden. De eerste plaatsen vinden we allemaal erg druk en de campings zijn of lelijk of vol. Dat komt dus goed uit. Uiteindelijk pakken we ook de tweede ferry naar Saltery Bay zodat we al op weg kunnen naar Powell River, vandaar uit vertrekt de boot naar Vancouver Island. In Powel River vinden we een leuke en rustige camping, we maken een wandeling langs zee en besluiten om hier nog een dagje te blijven.
Zaterdag 31 juli, Powell River
Lekker geslapen, op ons gemak ontbeten en nu op zoek naar een plek om te zwemmen. De eerste plek is niet leuk en dan rijden we naar de Geheimtipp van onze camping mevrouw. We rijden 8 kilometer over een onverharde weg en komen uiteindelijk terecht op een hele kleine, goed verborgen camping met een mooi strandje. We liggen op het strand, lezen een boekje en eten wat. Vervolgens mag ik aan een Canadeze mevrouw onze Fokke en Sukke handdoeken toelichten, “yes they are called Fuck en Suck”……… En we think they are very funny…. Rare jongens die Nederlanders, we verbranden een beetje en ’s avonds eten we heel lekker Mexicaans in een restaurantje dat er erg leuk uitziet.
Kortom, een ideale rustdag na 2 dagen hard weren op de Canadese wegen, morgen gaan we beginnen aan Vancouver Island, moet een van de hoogtepunten worden qua beesten, Orca’s en walvissen liggen op ons te wachten als het goed is.
Weer niet door onze beer uit de slaap gehaald terwijl de kleine camping zich daartoe prima leende. We gaan op ons gemak op weg naar Jasper, het weer is niet geweldig, beetje mistig, soms wat regen en we besluiten om niet meer een wandeling te maken op de gletsjer.
De weg naar Jasper is prachtig, de ene na de andere ansichtkaart schiet aan je voorbij maar wel met een chronisch gebrek aan de beloofde berggeiten en beren. Volgens de borden moet je er erg opletten maar wij zien niks en volgens ons balen ze net als wij een beetje van het weer.
De camping in Jasper is net zo groot als het dorp zelf en we besluiten om een tochtje in een raft te maken op de rivier. Het blijkt een privé trip, met z’n 4-en in een grote raft de rivier af, de eerste rapids voor Jens en Ymke en de gids doet het hartstikke leuk. Ze vindt het zelfs “awesome” en dat lijkt me wat overdreven voor een tripje dat je drie keer per dag doet….. Maar het is hartstikke leuk en we hebben voor veel geld een usb-stick met foto’s als bewijs er op.
Na de trip terug naar de camping waar een Amerikaan met Friese moeder op onze plek is gaan staan.. We ruilen van plek en maken plannen voor de dag van morgen.
Vrijdag 23 juli, Jasper
De afgelopen 8 dagen was er niet eenmaal een wasmachine op de camping. En in het dorp vinden we een prachtige wasserette, met koffiebar, douchegelegenheid en WIFI. Kortom, helemaal aangepast op de behoefte van een kampeerder die 7 dagen onderweg is in de Rocky Mountains. We daten de weblog up, plaatsen foto’s en kunnen met de resterende tijd ook nog Skypen met het thuisfront.
De middag brengen we door met een tocht naar Lake Maligne, een must-do, volgens alle gidsen. Valt een beetje tegen en een uurtje 2 kano’s huren kosten 45 euro…. Doen we dan maar even niet en prompt lopen we tegen 2 grote herten aan (Elks), heel leuk en erg relaxed ten opzichte van de Nederlandse kijkers. Op de terugweg maken we geen haast, eten langs de rivier, de kinderen voeren de eekhoorntjes weer en aan het eind spotten we heel kort een zwarte beer, nog meer herten en als klap op de vuurpijl een echte coyote. Net een hond maar dan wel eentje die niet te vertrouwen is. De kinderen vallen doodmoe in slaap. Morgen wordt het mooi weer…..
Zaterdag 24 juli, Jasper naar Mount Robson
De ochtend blijkt niet zo mooi als voorspeld en we besluiten om naar de hot springs in Miette te gaan, een rit van 70 kilometer waarvan de laatste 20 de berg op. Onderweg zien we werkelijk prachtige elken met enorme geweien.
De hot springs zijn heerlijk, er is ook een koud bad bij van 12 en 20 graden en de warme baden liggen rond de 40 graden. Goed voor de bloedsomloop en een ware test voor het hart. We doorstaan het allemaal prima. Voor de deur staan berggeiten die we eigenlijk schapen moeten noemen, maar ze lijken wel heel erg op berggeiten???
Inmiddels is het bloedheet geworden, strak blauw en echt bloedheet, het is ook nooit goed. We doen nog wat boodschappen in Jasper, rijden op ons gemak het Japser National Park uit en gaan naar Mount Robson. In de tussentijd verschuiven we weer een tijdzone en lopen inmiddels 9 uur achter op Nederland. Mount Robson is 3950 meter hoog, ligt er prachtig bij en we kunnen hem zien liggen vanaf onze plek op de natuurcamping. Morgen gaan we weer verder, voor het eerst sinds 9 dagen weer een camping met elektra, zal ons een klap geven.
Zondag 25 juli, Mount Robson naar Clearwater
We rijden vroeg weg en de top van Mount Robson ligt nog in een kleine wolk maar het is weer prachtig weer. De weg is lang en recht en de camper doet zijn best om niet te veel te hobbelen. We hebben een hele leuke tussenstop bij Blue River, dit was een Nederlandse tip. In the middle of nowhere ligt op een rivier een heel leuk bedrijf met mooie aluminium bootjes die je gegarandeerd beren beloven. Tsja, dat soort teksten is wel aan mij cynische Nederlander besteed. Maar, ik doe er al snel het zwijgen toe, we zitten nog niet in de boot of de eerste zwarte beer wordt gespot. Vervolgens nog een beer die achter een kleine beer aan rent en hem vervolgens de boom in jaagt. Echt op 10 meter te volgen vanaf het bootje. En als klap op de vuurpijl draaien we ons om en zien dan een beer van de ene kant van het meer naar de andere kant zwemmen. Dit was echt heel leuk.
De rest van de dag liggen we in een “campingzwembadje (citaat van Jens)” en lezen we een boekje. De camping is niet geweldig maar het zwembad maakt alles goed. “s Avonds eten we heerlijk aan de rand van het Dutch Lake, eveneens een Geheimtip van een Nederlander.
Maandag 26 juli, Clearwater (Wells Gray park)
We gaan vandaag het Wells Gray park, op de wandel naar weer een meer en een “awesome” waterval. We wandelen er op los, inmiddels een berenbel op de rugzak gemonteerd, en na een stief uurtje komen we bij een waterval die nauwelijks is te zien. Het is wel duidelijk dat we langs een enorme afgrond zijn gewandeld en dat de waterval buiten ons zicht enorm naar beneden stort. We lopen terug en kijken vanaf een andere plek naar de waterval…. En dan zien we een waterval van 141 meter naar beneden vallen en wij stonden daarvoor op dat puntje boven de waterval. Voor mij was het goed dat we de waterval in deze volgorde hadden bekeken anders had ik de wandeling niet meer gemaakt. We gaan terug naar de camping, luieren bij het zwembad en lezen verder in onze boeken. Ymke is inmiddels door haar boeken heen en leest nu onze boeken. Inmiddels was er een boek zo aangrijpend dat ze die avond niet in haar eigen bed wil slapen. Tja, we hadden al bijna 15 kilo aan boeken mee, de volgende keer toch maar een e-reader.
Dinsdag 27 juli, Clearwater naar Peachland
Vandaag wordt een echte reisdag, we moeten 300 kilometer rijden en inmiddels weten we al dat we dan 60 liter benzine nodig hebben, gelukkig gaan er 180 liters in de tank. We rijden vlot door, doen onze inkopen in een zeer riante supermarkt in Kamloops, vandaag gelezen dat daar nu enorme bosbranden zijn, en tanken de camper weer vol. Alles gaat heel vlot en dat zijn de momenten waarop je altijd voorzichtig moet worden. We willen naar Fintry en inderdaad de camping is helemaal vol, we kunnen op de overload staan en dan morgen vechten om een plekje.
We besluiten om een kijkje te nemen bij the beautiful natural Sandy beaches en krijgen dan toch spontaan de slappe lach als verwende Nederlanders. We duiken in het meer en na een uurtje kijk ik Petra aan en vraag waarom we hier in vredesnaam nog een dag zouden doorbrengen??? Geen mooie plek, lullig strandje en een kleine waterval die we wel kunnen overslaan. We stappen dus op en rijden door naar Kelowna. Alle campings zitten stampvol en dit dreigt zo’n dag met een gaatje te worden en vraag je jezelf af waarom je niet gewoon campings vooruit reserveert….
Maar alles komt goed in Peachland, de camping is officieel vol, maar we mogen met de camper op een tentplek staan en de volgende dag krijgen we een plek aan de beachfront, die was namelijk net geannuleerd. En zo wordt niet reserveren toch weer beloond. Als klap op de vuurpijl bakt Petra pannenkoeken.
Woensdag 28 juli, Peachland
Het is nog steeds heel mooi weer en we genieten de hele dag van het meer. Het water is schoon, 24 graden en het strandje superklein maar een lekkere plek om een beetje te relaxen. We doen de hele dag niks, de kinderen bouwen een bootje voor Nala en die wordt aan het eind van de dag succesvol getest, we surfen op internet en verbranden voor het eerst ook een beetje op rug en buik.
Aan het eind van de dag zwemt er ook nog een bever langs, mooi die kan ook weer worden aangevinkt op het lijstje, nog een grizzly, walvissen en orca’s te gaan.
In de avond barst er een stevig onweer los, wel goed voor de bosbranden want het is hier echt kurkdroog en die Canadezen zijn net als Australiërs en Zuid-Afrikanen helemaal gek van fikkie stoken, overal kun je firewood kopen en elke plek op de camping heeft zijn firepit. Het is wel geinig maar soms staat echt de hele camping blauw, rare jongens die Canadezen. Morgen richting Vancouver!
Donderdag 29 juli, Peachland naar Hope
We verlaten ons kleine strandje om vandaag meer dan 300 km af te leggen. Eerste stop is echter bij een Canadian Tire, wat een heerlijke winkel, gereedschap, kampeerspullen, tuinspullen, en nog veel meer, we kopen luchtbedjes, citronella kaarsen en poepoplosser voor het campertoilet.
Inmiddels zitten we heel dicht bij de USA border, de omgeving wordt ook erg droog en begint al op woestijn te lijken. We kopen onderweg bij Van Kalkeren fruit, Nederlandse man getrouwd met een Hongaarse, Duitse vrouw achter de balie en in de keuken een Thaise vrouw, kortom redelijk mondiaal gezelschap.
We maken een stop van een uur in Osoyooh, bezoeken een ratelslang show maar het stelt allemaal niet zo veel voor. Wel weer veel geleerd over de ratelslang, niet elke beet is giftig en je hebt in ieder geval 6 uur de tijd om een ziekenhuis te bereiken. Vervolgens weer vol gas verder, we gaan weer omhoog en rijden via een prachtige weg naar Vancouver. We maken een korte stop bij een bevervijver maar Ed en Willem zijn niet thuis en het blijft voorlopig dus bij de ene bever. Uiteindelijk vinden we een camping in Hope, met een klein zwembad en iedereen weer happy. We zwemmen nog anderhalf uur en als de kinderen in bed liggen komen we er achter dat we morgen de ferry naar de sunshine coast niet meer kunnen reserveren. De website is niet helemaal duidelijk en we besluiten om vroeg te gaan slapen zodat we morgen in ieder geval op tijd weg kunnen en dan maar hopen een boot te kunnen pakken.
Vrijdag 30 juli, Hope naar Powell River
Om half zes gaat de wekker en een half uur later liggen er twee suffende kinderen op de achterbank en rijden we vol gas naar Horseshoe bay voor de boot naar de sunshine coast. Na een stevige rit zijn we om kwart voor 8 in Vancouver en daar blijkt dat niet alle plaatsen gereserveerd kunnen worden. Gelukkig geldt hier ook nog het principe van First come, First served. We wachten een tijdje in de rij, drinken een kopje koffie en maken een praatje met een Nederlander die in 1951 als een uit een gezin van 8 hiernaartoe is gekomen. Mooie verhalen en spreekt nog goed Nederlands.
De boottocht zelf waait het vooral hard, duurt niet lang en snel staan we aan land bij Gibson, erg druk en vol, dat zijn we niet meer gewend, we rijden door en hebben nog geen idee wat onze eindbestemming gaat worden. De eerste plaatsen vinden we allemaal erg druk en de campings zijn of lelijk of vol. Dat komt dus goed uit. Uiteindelijk pakken we ook de tweede ferry naar Saltery Bay zodat we al op weg kunnen naar Powell River, vandaar uit vertrekt de boot naar Vancouver Island. In Powel River vinden we een leuke en rustige camping, we maken een wandeling langs zee en besluiten om hier nog een dagje te blijven.
Zaterdag 31 juli, Powell River
Lekker geslapen, op ons gemak ontbeten en nu op zoek naar een plek om te zwemmen. De eerste plek is niet leuk en dan rijden we naar de Geheimtipp van onze camping mevrouw. We rijden 8 kilometer over een onverharde weg en komen uiteindelijk terecht op een hele kleine, goed verborgen camping met een mooi strandje. We liggen op het strand, lezen een boekje en eten wat. Vervolgens mag ik aan een Canadeze mevrouw onze Fokke en Sukke handdoeken toelichten, “yes they are called Fuck en Suck”……… En we think they are very funny…. Rare jongens die Nederlanders, we verbranden een beetje en ’s avonds eten we heel lekker Mexicaans in een restaurantje dat er erg leuk uitziet.
Kortom, een ideale rustdag na 2 dagen hard weren op de Canadese wegen, morgen gaan we beginnen aan Vancouver Island, moet een van de hoogtepunten worden qua beesten, Orca’s en walvissen liggen op ons te wachten als het goed is.
(Pagina 1 van 21, totaal 41 artikelen)
volgende pagina »


Jullie Reacties!
ma, 09.08.2010 09:09
Ik heb weer genoten van de ver halen. Fijne reis terug en to t binnenkort! Groetjes van Daphne, Jurgen en Karlijn
za, 07.08.2010 02:35
Casa ... hoe was die naam ook alweer? Mola, Lomo, ... google het maar eens. 50km omrijden voor je boodschappen dat [...]
ma, 26.07.2010 21:10
Heel erg leuk geschreven. Voo r mij en je tante is de start zo herkenbaar. Wat lijkt Dieg o op Renate toen ze klein was